Archief voor 2007
Weg met de journalistieke masters!
Of ons tijdschrift interesse had in een stuk over exoten, wilden de twee studenten weten. Ze wisten allerlei voorbeelden: van de kastanjemineermot tot de roodrugspin. Niet oninteressant, was mijn antwoord, maar wat was nou het nieuws? Wat voor opmerkelijke eye opener zou hun artikel toevoegen? Het duurde een paar dagen voordat de mail rinkelde. De studenten hadden het: “Het is wel degelijk nieuws”, schreven ze, enigszins gepikeerd. “NRC, de Volkskrant en Trouw hebben er ook over geschreven. En Netwerk had er een item over.”
De studenten zaten – uiteraard – op een van de ‘journalistieke masters’ die steeds meer universiteiten aanbieden. Een misleidende term: op de meeste van die masters leer je immers nauwelijks iets over journalistiek, maar vooral over wetenschapscommunicatie. Nog de afgelopen week kreeg ik een stuk onder ogen van een andere masterstudent ‘journalistiek’. Een keurig tekstje met een onberispelijke uitleg van een ingewikkeld onderwerp. Had zo in een folder van een of ander ministerie gekund. Maar niet in een krant of publiekstijdschrift.
We maken ons druk als er weer eens een universiteitskrant wordt gemuilkorfd, maar de échte overwinning van de voorlichters op de onafhankelijke journalistiek vormen de meeste ‘journalistieke masters’. Onbeschaamd maken ze er misbruik van dat ‘journalistiek’ een vrij beroep is, een vaag woord. En dus leer je er, onder het mom van journalistiek, hoe je een brave uitlegger wordt, een communicator. Hoe je een fatsoenlijk nieuwsbericht of een pakkende nieuwskop schrijft, zul je er slechts in de marges horen. Dat is te mundaan; niet academisch genoeg.
Een tijdje geleden sprak ik alweer een andere student van zo’n opleiding – blijkt die niet eens te weten wat de vijf w’s en de h zijn. Topische zinnen, het verschil tussen een intro en een lead, het upgraden van nieuws, het onderscheid tussen een getrapte lead en een slagzinlead, het is voor deze lieden abracadabra. Laat staan dat deze wannabe-journalisten het vermogen aanleren om kritische vragen te stellen, een WOB-procedure in te zetten of off the record-informatie los te peuteren.
Voor mij is een journalist iemand die een dodelijk saaie bijeenkomst bijwoont en daar de enige interessante opmerking van de middag weet te herkennen als nieuws. Iemand die in staat is feilloos door te dringen tot de kern van de zaak door precies de juiste vragen te stellen. Iemand die in tien minuten een foutloos en oprolbaar nieuwsbericht van precies 350 woorden kan schrijven, op een redactie waar het een rumoer is van jewelste.
Dat is het ambacht; de kunde komt later. Maar die kunde is wel waarop de masters zich richten: staatsrecht, de geschiedenis van de journalistiek, publieksgericht schrijven, journalistieke ethiek en meer van die academische achtergrond-blabla. (Lees maar na). Ja, dan zit je met afgestudeerden die nog niet eens nieuws herkennen als ze erover struikelen.
Ik zeg: opheffen, die als ‘journalistieke opleiding’ vermomde voorlichterscursussen. Laat studenten gewoon elke ochtend de politiepersberichten bewerken, laat ze kamercommissies bijwonen en daar de essentie uit oppikken, stuur ze de straat op en laat ze pas terugkomen als ze nieuws hebben. En als ze dat een beetje kunnen, begin dán pas eens over de rest. Bakker word je ook niet door te leren over de organisatie van het bakkerijwezen en de geschiedenis van het brood.
Geschreven door
Maarten Keulemans op
26 November 2007 .
Opgeslagen in:
Uncategorized |
20 reacties »
Eurlings’ sprookjes
Minister Eurlings is er uit. Als we nou hier en daar wat extra asfalt leggen, dan zijn we van het fileprobleem af. VNO-NVW-voorzitter Wientjes vond het al eerder opgelegd pandoer: “Als er meer mensen in Nederland komen, dan bouw je toch ook meer huizen?”, vroeg hij zich retorisch af in een opiniestuk in De Volkskrant van 27 augustus. Van Wientjes kun je dat verwachten, want de VNO-NCW-voorzitter heb ik nog nooit op origineel idee kunnen betrappen. Maar ook milieudino Wouter van Dieren, die zo langzamerhand dezelfde kant op lijkt te gaan als James Gaia Lovelock, stelde in NRC Handelsblad dat we niet zo moeilijk moeten doen over die paar vierkante kilometer asfalt.
Je zou toch zeggen dat het zo langzamerhand wel bewezen is dat meer asfalt geen files oplost, maar het geloof in het onmogelijke blijkt moeilijk uitroeibaar. Dat is één.
Een ander punt is of wij, als samenleving, steeds maar verspillend gedrag moeten blijven faciliteren. De gemiddelde bezetting van auto’s ligt ergens in de buurt van 1,2 personen. Uitgaand van een capaciteit van vier personen per auto, betekent dat tweederde van de vervoerscapaciteit onbenut over de weg crosst (of stilstaat). Kijk, daar zitten de mogelijkheden: voer per 1 januari 2008 het rekeningrijden in en belast dan de ‘lege’ passagierskilometers. Natuurlijk krijgen we dan ‘werkstudenten’ die de lege stoelen zullen opvullen, maar er zullen nooit genoeg werkstudenten zijn om al die lege autostoelen te vullen. Zo vangen we twee vliegen in één klap: een efficiënter gebruik van ons dure asfalt en we kunnen meteen het beurzenstelsel afschaffen.
Maar zo sprankelend is onze minister van verkeer & waterstaat niet: meer asfalt, is het aloude v&w-credo.
De minister had waarschijnlijk nog de champagne in zijn hoofd toen hij een paar weken later het proefballonnetje opliet om de rijbewijsleeftijd te verlagen tot 17 jaar in plaats van te verhogen tot 25 jaar. Domme man, die Eurlings.
Geschreven door
Arno Schrauwers op
8 November 2007 .
Opgeslagen in:
Zonder categorie |
Geen reacties »
Kankeren over de perslunch
Een perslunch, dat was de bedoeling. En nee, wat daar zou worden onthuld, dat kon ik niet van tevoren te horen krijgen. Ook niet met embargo. Ik MOEST komen. Ik ging niet. Mijn lunchbehoefte is beperkt. En wereldschokkend wetenschappelijk nieuws, daar geloof ik per definitie niet in. Toch deed het World Cancer Research Fund zijn uiterste best om er dat van te maken. Met gelijktijdige persconferenties in Amsterdam, Londen, Washington, Peking en Hongkong. De hele wereld moest het weten, dat niet minder dan honderd kankerspecialisten uit dertig landen in vijf jaar tijd zevenduizend wetenschappelijke publicaties hadden doorgeworsteld. Waarna hun conclusies nog eens waren gecontroleerd door een internationaal panel van 21 ´world renowned scientists´ (aldus de website van het WCRF). Kortom, dit was het definitieve rapport over voedsel en kanker. En wat staat erin? Oud nieuws. Dat we niet moeten roken, en dagelijks hooguit een of twee glaasjes drank mogen drinken. Dat we op ons gewicht moeten letten, meer moeten bewegen, en minder zout, rood vlees en frisdrank moeten consumeren. Adviezen die iedereen allang kende. Met name de waarschuwing tegen rood vlees werd hoog in de lucht geheven, maar zoals de VU-hoogleraar Jaap Seidell vrijdag in de Volkskrant duidelijk maakte: om wat dat betreft over de streep te gaan moet je dagelijks een pond vlees eten. En dat lang volhouden. Ik geef het je te doen.
Alles bij elkaar een uiterst mager resultaat voor zoveel wetenschappelijke slavenarbeid. Maar dat lag dan ook volstrekt voor de hand.
‘Meer kans op kanker door ham en worst’, kopte het Algemeen Dagblad. Een mooie, nostalgische kop. Vroeger, in de goeie ouwe tijd, werd het ene na het andere voedingsmiddel in het verdachtenbankje geplaatst. Boter, worst, kaas, eieren, pindakaas – de rij boosdoeners werd als maar langer. En daarnaast had je dan de regelmatig terugkerende ‘medische doorbraken’ waarin weer een nieuw medicijn tegen kanker werd aangekondigd. Het hoogtepunt in dat geloof en in de magic bullet werd bereikt nadat het menselijk genoom in kaart was gebracht. Toen riepen de deskundigen in koor dat de ‘kankergenen’ nu snel gevonden zouden worden, en dat de medicijnen dan niet lang op zich zouden laten wachten. Wat is het toch opmerkelijk stil geworden, daar in dat hoekje.
Het mega-onderzoek van het WCRF zal in de komende decennia niet meer worden herhaald. Zeker niet na zo’n resultaat. En dat betekent in wezen dat de medische wetenschap niets meer te bieden heeft dan treurig stemmende leefstijladviezen: ‘meer bewegen, gevarieerd eten’. Maar waarom zou je. Op dit moment heeft tweederde van de kankers niks met leefstijl te maken. Met gezonder leven vermijd je de ene kanker, om spoedig daarna ingehaald te worden door die andere, die zich niets aantrok van je verantwoorde gedrag. De brave burger die alle voorschriften angstvallig naleeft, leeft een paar vreugdeloze jaartjes langer, maar loopt tegen het eind van zijn leven toch tegen deze ziekte aan. Dat is wat ik tijdens die perslunch had kunnen leren. Dat die o zo verantwoorde broodjes en drankjes die ik had kunnen nuttigen, eigenlijk geen enkel verschil maken.
Geschreven door
Marcel Hulspas op
2 November 2007 .
Opgeslagen in:
Zonder categorie |
1 reactie »
Rondpoepen
Stel, je bent persvoorlichter van een instituut dat nog wel wat meer naamsbekendheid kan gebruiken. En je moet een persbericht maken over een onderzoeksrapport. Jouw instituut heeft duizend basisschoolkinderen uit Zwolle en Emmen het hemd van het soms wat te dikke lijfje gevraagd. Daar komen hele aardige dingen uit. Dat kinderen gym van hun eigen meester leuker vinden dan van de gymleraar (Een meisje: “Bij de meester doen we allemaal spelletjes, bij de gymleraar doen we allemaal ingewikkelde dingen.”) Dat jongens vaker sporten dan meisjes. Dat allochtone meisjes van de sportclub afgaan als ze gaan menstrueren. Dat dertig procent van de ouders (volgens de kinderen) in de gaten houdt hoeveel TV de kinderen kijken. Dat de helft van de ouders de kinderen naar buiten stuurt als het mooi weer is. Alweer volgens de kinderen. En dat jongens in de pauze op het schoolplein ’significant meer in beweging zijn’ dan meisjes.
Maar met aardige resultaten scoor je niet in de pers.
Gelukkig was er, ergens in de twintig diepte-interviews die ook nog gehouden zijn, iets gezegd over seks, drugs, geweld èn poep: De kinderen vonden het niet fijn om ergens te spelen waar ook kinderlokkers, drugsverslaafden, hangjongeren, wegpiraten of loslopende en rondpoepende honden aanwezig waren. Beetje een open deur, maar gelukkig sloegen de hondebezitters van Nederland meteen op tilt. Vereniging de Vrije Honden uit Den Haag organiseerde veertig mailtjes, een brief en wat telefoontjes. Ook dat kwam ogenblikkelijk in de krant.
Het NICIS. Onthoud die naam. Ik had er nog nooit van gehoord. Maar ze hebben er een hele goede persvoorlichter.
Geschreven door
Liesbeth Jongkind op
14 September 2007 .
Opgeslagen in:
Zonder categorie |
5 reacties »
Enkwetes
Zouden ze nu blij zijn, daar op de redactie van Quest? Dat tijdschrift is toch vooral gewijd aan de natuurlijke wonderen der wereld, en de zegeningen van wetenschap en techniek, en nu blijkt uit hun eigen enquête dat ze nog heel wat missiewerk te verrichten hebben.
Quest wilde wel eens weten hoe het met het geloof in het bovennatuurlijke is gesteld, en liet duizend Nederlanders enquêteren. Je zou verwachten dat zoiets uitdraait op een klinkende overwinning voor de ratio. Het paranormale, dat was toch meer iets van de jaren zeventig. Nou nee dus. Driekwart van hen gelooft dat de wetenschap nooit alles zal kunnen verklaren, met andere woorden in bovennatuurlijke verschijnselen. Meer dan de helft gelooft dat er mensen zijn die de toekomst kunnen voorspellen en een op de drie gelooft dat het tranentrekkende en tenenkrommende televisiemedium Char werkelijk met de doden kan communiceren. Tot zover de invloed van het rationele denken. (En voor wie gelooft dat de emancipatie van de vrouw voltooid is: driekwart van de vrouwen gelooft in Char, tegen zo´n veertig procent van de mannen.) Het beeld is niet nieuw (60 procent gelooft in een leven na de dood, 40 procent in reïncarnatie, 25 procent gelooft dat ´de regering´ meer weet van buitenaars bezoek.) en de betekenis is duidelijk: het paranormale moge in de media op sterven na dood zijn, de voedingsbodem is er nog steeds, en kan zo worden benut. De vraag is niet of, maar: wanneer.
Een andere voor de hand liggende conclusie luidt: je kunt als redactie maar beter niet te veel weten van je lezers. Dat weten ze inmiddels ook bij het blad J/M, dat in verband met het tienjarig bestaan op de onzalige gedachte kwam de mening van ouders te peilen over opvoeding. Met een al even schrikbarend resultaat. Het moderne gebrek aan respect, en geduld, voor de net even iets andere medemens, gecombineerd met een heilig geloof in eigen voortreffelijkheid, blijkt inmiddels ook onder ouders van jonge kinderen gemeengoed. Tachtig procent van de ouders vindt dat de samenleving verloedert (what´s new…); tweederde vindt dat kinderen veel strenger moeten worden aangepakt. Ze zijn brutaal, asociaal en ongehoorzaam. Maar let wel: op hun eigen opvoedingsmethoden hebben ouders niks aan te merken. Ze geven zichzelf wat dat betreft een dikke zeven. 95 procent van de ouders is over zijn eigen functioneren ‘redelijk tevreden´ tot ´zeer tevreden’. Nee, het zijn andermans kinderen waaraan van alles mankeert. Dat zijn de ettertjes. De school moet harder optreden, en mag ook best ingrijpen in de opvoeding als het ergens mis gaat, vindt ruim de helft van de ouders. Tegelijkertijd is het modieuze verschijnsel ‘zorgleerling’, een die extra aandacht verdient, diezelfde ouders een doorn in het oog. Al die aandacht voor losers gaat ten koste van hun eigen o zo welgemanierde kroost, weet eenderde te vertellen.
Tien jaar lang heeft de redactie van J/M zijn best gedaan om de Nederlandse ouders op te voeden tot aardige, tolerante, goed geïnformeerde medeburgers. Dat project is dus volkomen mislukt. Ouders zijn zelfingenomen, kortzichtige, pessimistische zeikers.
Kortom, als journalisten waar dan ook nog plezier in hun werk willen houden, moeten ze elke enquête naar de mening of kennis van hun lezers radicaal afwijzen. Je wordt er doodongelukkig van.
Geschreven door
Marcel Hulspas op
27 August 2007 .
Opgeslagen in:
Zonder categorie |
3 reacties »
Dat lult maar
Gottogot, bijna geen krant heeft het gemist: Vrouwen praten niet meer dan mannen. Wie had dat gedacht? En op basis van welk gedegen onderzoek is dit wereldnieuws geworden? Op basis van een onderzoekje onder een paar honderd Amerikaanse en Mexicaanse studentjes die een paar dagen een mikrofoontje opgeplakt kregen. En dan tellen maar, zo lees ik in de Volkskrant. Jan Blokker zou in zijn nopjes zijn geweest met zoveel onbenul (voor de jongere lezertjes: dat was ooit een columnist van de Volkskrant die in de jaren ‘70 en ook later graag menswetenschappelijk onderzoek belachelijk maakte). Het ‘keurmerk’ komt natuurlijk van het geweldige blad Science dat dat artikel publiceerde; journalisten zijn nog immer behept met een groot autoriteitenontzag. Volgens mij kan je uit zo’n onderzoekje, met veel slagen om de arm, hooguit concluderen dat er weinig verschil tussen de seksen is in praatzucht bij Amerikaanse en Mexicaanse studenten.
Hou me te goede, ik heb het artikel in Science zelf niet gelezen en het is heel goed mogelijk dat de zaken daar heel wat genuanceerder worden voorgesteld dan in de kranten (en daarmee meteen ook een stuk minder nieuwswaardig zijn). Mijn verbazing geldt vooral de alomtegenwoordigheid van dat bericht op de nieuwspagina’s. Komkommertijd? Nu al? Of is dit het bewijs dat de kranten steeds vaker faits divers oppompen tot nieuws in een wanhopige en tot mislukken gedoemde poging de weglopende lezer tegen te houden? Wie het weet mag het zeggen.
Geschreven door
Arno Schrauwers op
6 July 2007 .
Opgeslagen in:
Zonder categorie |
Geen reacties »
De arrogantie van de wetenschap
Heeft wetenschap nut? Het lijkt geen vraag die je in één dag kunt beantwoorden, maar desondanks organiseerden de VSNU en de Koninklijke Academie half juni een bijeenkomst in de Rode Hoed gewijd aan deze vraag. Michael Persson schreef er een verslagje over, in de Volkskrant van 16 juni. Een verslagje dat (en ik ben ervan overtuigd dat Michael de sfeer die middag juist weergeeft) aangeeft dat de wetenschap nog lang niet toe is aan het zelfs maar eerlijk overwegen van die vraag.
Geschreven door
Marcel Hulspas op
1 July 2007 .
Opgeslagen in:
Zonder categorie |
1 reactie »
Zoek de moslim
Laten we het onder ogen zien, collega’s. Onze beroepsvereniging is zo wit als de blanke top der duinen.
Zelfs George Bush en Jan-Peter Balkenende hebben nog meer gekleurde mensen in hun kabinet. Zet ons een rare muts op, en we zijn in niets meer te onderscheiden van de Ku Klux Klan.
De 74 VWN-leden die deelnamen aan de mini-’hoe allochtoon ben u?’-enquete die ik vorige week rondstuurde, begonnen dan ook ongemakkelijk allerlei smoesjes te verzinnen. “Maar de oma van mijn vader was een halve Duitse”, mailde iemand. “Salem aleikum”, begon een ander. “Als Limburgse ben ik wel een officieuze allochtoon”, probeerde iemand anders.
Een interessante tegenwerping kwam van een Amsterdamse collega: “Ik verwacht helemaal niet dat de VWN een afspiegeling is van de maatschappij. Van mij hoeft dat eigenlijk ook niet per se. Ik vind het belangrijker dat wetenschapsjournalisten goede wetenschapsjournalistiek bedrijven.”
Natuurlijk. Maar is het ook voor die ‘goede wetenschapsjournalistiek’ niet beter om een afspiegeling te zijn van de maatschappij? Als kaaskop heb je toch minder oog voor allochtone dingetjes. Zoals ziektes die vooral bij minderheden voorkomen, of pak ‘m beet, wetenschappelijke ontwikkelingen in Allahuakhbarstan.
Maar wacht. Geen paniek. Het valt allemaal mee. De VWN blijkt namelijk een verbijsterende 17 procent allochtonen in haar midden te hebben! Dat verschilt geeneens veel van het landelijke percentage, 19,4 procent allochtone medelanders. We zijn een keurige afspiegeling van de maatschappij.
(bekijk de uitkomst van de enquete)
Geschreven door
Maarten Keulemans op
22 June 2007 .
Opgeslagen in:
Zonder categorie |
6 reacties »
De Bosman-regel
Stel, het ministerie van Justitie verspreidt een persbericht, getiteld: ‘Beleid Rita Verdonk groot succes’. Een journalist tikt dat kritiekloos over, voegt een citaatje toe van Verdonk en zet het in de krant. Journalistiek prutswerk, zal iedereen zeggen: zo is het beeld toch niet compleet? Helaas zijn dit soort onkritische berichten in de wetenschapsjournalistiek meer regel dan uitzondering – en er was een stagiaire nodig om dat aan de kaak te stellen.
Afgelopen februari meldden tientallen Nederlandse media fantastisch nieuws: tweederde van de migraine-patiënten heeft een gaatje in het hart; als je dat operatief dichtmaakt, had een Utrechtse promovendus ontdekt, is één op de twee patiënten van de misère af. Talloze kranten- en websitelezers met migraine kregen hoop op snelle genezing.
Ook Gerda Bosman, student aan de school voor journalistiek in Tilburg en stagiaire bij VPRO’s Noorderlicht, schreef een enthousiast bericht. Pas later las Bosman in De Volkskrant en buitenlandse bladen heel andere kanten van het verhaal. Anders dan zij had geschreven, was het gaatje in het hart géén “geheel nieuw inzicht”; er wordt al jaren heftig over gedebatteerd, sommige experts zijn erg sceptisch en er zijn andere, grootschalige experimenten gaande. Het Utrechtse onderzoek was volgens Michel Ferrari, een vooraanstaande Leidse migraine-onderzoeker, “slordig” uitgevoerd en allerminst het laatste woord. Hoe had het kunnen gebeuren, vroeg Bosman zich af, dat zijzelf en vele andere journalisten essentiële onderdelen van het verhaal hadden genegeerd?
Waar menigeen zich stilletjes was gaan schamen, zag Bosman stof voor een afstudeerscriptie. Het persbericht van de Universiteit Utrecht, bleek uit haar onderzoek, hield veel te weinig slagen om de arm, maar vrijwel alle journalisten hadden het klakkeloos geloofd. Sommige hadden nog wel gebeld met de promovendus – maar die stelde uiteraard weinig vragen bij zijn eigen onderzoek. Eén telefoontje naar één andere migraine-deskundige of een patiëntenvereniging, of 15 minuten Googelen, had het eenzijdige beeld al kunnen bijstellen. Bijna niemand had die moeite genomen.
Ik stel daarom een nieuwe regel voor — laten we hem de Bosman-regel noemen. Wetenschapsjournalisten die op basis van één bron opzienbarend nieuws melden, geloven we niet meer. We eisen wederhoor – net als bij een juichend verhaal over het succes van Verdonk.
–Martin Enserink Intermediair, 3-1-2007
Geschreven door
Martin Enserink op
20 May 2007 .
Opgeslagen in:
Zonder categorie |
3 reacties »
Verzet
Het was de eerste beslissing van Sarkozy: op alle Franse middelbare scholen wordt voortaan op de eerste dag van het schooljaar een brief voorgelezen van een communistische verzetsheld, geschreven vlak voor zijn executie in 1941. De vaderlandslievende tekst moet de eenheid van de Fransen versterken, zo schrijft de correspondent van de Volkskrant (vrijdag 18 mei): ´In het Franse verzet werkten gaullisten en communisten eendrachtig samen´.
Opmerkelijk toch hoe in een tijd waarin de Tweede wereldoorlog alleen maar meer en meer in de belangstelling staat, diezelfde geschiedenis meer en meer geromantiseerd wordt. Eendrachtige samenwerking? De beide kampen waren voornamelijk bezig elkaar te verraden. De meeste verzetsstrijders zijn gedood of verraden door collega´s uit het andere kamp. Daarbij vergeleken valt het aantal gedode Duitsers in het niet. Het verzet was zo onmachtig dat de Duitsers Frankrijk al die jaren met gemak onder de duim konden houden met een paar duizend tweederangs soldaten (´Allo ´Allo is op dat punt zeer accuraat). De communistische filosofie was: Stalin verslaat de Duitsers, maar de toekomst van Frankrijk wordt in Frankrijk bepaald. En dus maakte het communistische verzet plannen om na de oorlog over te gaan tot massa-executies. Op veel plaatsen grepen ze na de bevrijding daadwerkelijk de macht, en sloegen aan het moorden. De Gaullisten waren voorbereid, en sloegen terug. Resultaat: een korte maar hevige Franse burgeroorlog, aangeduid met het eufemisme ´L´epuration´ (de zuivering), waarin naar schatting 30.000 Fransen (collaborateurs maar ook veel ´foute´ verzetsstrijders) zijn omgekomen. Met name in de regio Marseille was de anarchie maandenlang compleet. En dan laat ik het verraad van verzetsheld Jean Moulin maar even buiten beschouwing. Die duistere jaren hebben diepe sporen nagelaten in de naoorlogse Franse geschiedenis. Merkwaardig dat de Volkskrant-correspondent in Frankrijk blijkbaar volstrekt NIET op de hoogte is van deze cruciale gebeurtenissen.
Geschreven door
Marcel Hulspas op
18 May 2007 .
Opgeslagen in:
Zonder categorie |
Geen reacties »
Salpeter
Welkom op de weblog van de Vereniging van Wetenschapsjournalisten in Nederland. Op deze site geeft een aantal auteurs regelmatig hun commentaar op wetenschap en media.
Laatste reacties