Adieu Freud


Van de doden niets dan goeds, natuurlijk. Maar zelfs aan hypocrisie zit een grens. Het besluit van het CvZ om de psychoanalyse uit de verzekering te gooien, leidde tot een aantal reacties waarbij de indruk werd gewekt dat hier ten onrechte iets buitengewoon waardevols werd geloosd. Ten onrechte geloosd, want psychoanalyse was niet de enige behandeling waaroor het wetenschappelijk bewijs ontbrak. (Dat schijnt voor sommigen een argument te zijn), en buitengewoon waardevol want Freud had het onderbewuste ontdekt (volstrekt onwaar) en, zo vertelde Paul Schnabel, hij had acht jaar therapie gehad en was zo door een moeilijke periode in zijn leven gekomen (Godbetert!). En nu deze zaterdag vertelt Marcel Moring in de NRC dat hij het ook zo nutig gevonden had daar op de divan, zoekend naar de traumatische jeugdervaring. Moring, aldus de kop, kan het iedereen aanbevelen. Hier lijkt, kortom, een aardig intellectueel speeltje nogal onheus bejegend te zijn. Wellicht is het, voordat deze indruk blijft hangen, verstandig om even te herinneren aan wat psychoanalyse de afgelopen decennia ook is geweest. Nee, dat Freud en fantast en een een leugenaar was, dat moge wel bekend zijn. Moring zit er overigens naast als hij schrijft dat de psychoanalyse door deze onthulling (jaren tachtig en later) zijn wetenschappelijke status heeft verloren. De psychoanalyse heeft NOOIT enige wetenschappelijke status genoten. Er was vraag naar, van studenten, dus menige universiteit had een soort van hoogleraar psychoanalyse om deze studenten eerstejaars te paaien, maar wetenschappelijke erkenning is er nooit geweest. Al tijdens zijn leven wist men dat hier om de onbewijsbare claims ging van een merkwaardig soort fantast en zijn sekte. Van meet af aan zagen psychiaters en psychologen in dat jarenlang praten om daarna de therapie 'succersvol' af te sluiten met de gezamenlijke overeenkomst dat deze of gene jeugdervaring de bron van alle ellende was geweest, niets met wetenschap te maken heeft. Maar erger dan deze vorm van bezigheidstherapie waren de pretenties van psychoanalytici zodra ze terreinen betraden waar de echte psychiatrie het ook niet wist. Ik denk aan analytica Fromm-Reichmann, wiens theorie over schizofrenie buitengewoon lang de behandeling heeft gedomineerd. Zij en haar volgelingen legden de schuld voor schizofrenie bij de moeder, de 'schizofrenogene moeder' die door haar onbewuste afwijzing haar kind gek zou hebben gemaakt. Moeder was de schuldige. Duizenden moeders van schizofrene kinderen en jongeren hebben deze vernedering moeten verdragen. En dan waren er natuurlijk Leo Kanner en Bruno Bettelheim, die middels psychoanalyse de oorzaak hadden ontdekt van autisme. De gevoelloze ijskastmoeder. (Vrouwenhaat is een kenmerk van psychoanalyse.) Ook die moeder werd genadeloos beschuldigd en door hen aangepakt. En Bettelheim ontwikkelde in zijn eigen tehuis de perfecte aanpak voor autistische kinderen. Hij had in de oorlog een concentratiekamp overleefd. Vele kinderen hadden daar dezelfde ervaring. Stel je voor dat de psychoanalyse nu nog dominant was op dit terrein....
Psychoanalyse is meer dan jarenlang gezellg babbelen over je kleine angsten. Voor mensen met ernstige psychische stoornissen was het decennialang synononiem met megalomane theorieen die alleen maar meer slachtoffers maakten. Een buitengewoon schadelijk stuk onzin. Moring besluit zijn artikel in de NRC met de bekende anekdote dat Freud, bij zijn vertrek uit Wenen, opschreef dat hij iedereen de Gestapo (die hem het leven zuur had gemaakt) van harte kon aanbevelen. Dat geldt wat Moring betreft ook voor psychoanalyse. Psychoanalyse vergelijken met de gestapo. Daar kan ik helemaal inkomen. We zullen dat slot van Moring maar een Freudiaanse verspreking noemen.


Marcel Hulspas

 

Add comment


Security code
Refresh